Woordenlijst Nederlands-Vlaams

Jaap van der Wijk
Woordenlijst Nederlands-Vlaams
(er wordt voortdurend aan deze woordenlijst gewerkt, elke aanvulling is welkom!)

Email: labradors@usa.net

Meer lexicografisch en informatief werk van Jaap van der Wijk?
Click hier!

Nederlands-Vlaams

A
Aanstelling (van een baan). Tewerkstelling
Aanwinnen. Bijwinnen
Aantal (boel). Pak
Zich aantrekken. Zich aandragen
Adem. Asem
Advertentieblad. Aankondigingsblad
Ammehoela! Dag Jan!
Annulering. Annulatie
Ansichtkaart. Zichtkaart
Arbeidsongeschikt. Werkonbekwaam
Arm aan arm lopen. Kabassen
Atelier (van kunstenaars). Studio
Autocoureur. Piloot
Autosnelweg. Autostrade

B
Baantje. Job
Iemand met meerdere baantjes. Cumulard
Balans. Bilan
Bang zijn. Schrik hebben
Bankemployée. Wisselagent
Banketbakkerij. Pâtisserie
Baret. Flat
Barman. Toogbediende
Bedriegen. Zeuren, neuken
Beduiden. Bedieden
Bekend. Gekend
Zich bekommeren. Zich aandragen
Beurt. Toer
Bezem. Borstel
Bibliotheek. Boekerij
Bierkrat. Bierbak
Bierviltje. Bierkaartje
Bleek zien. Blozen gelijk het bloed van rapen
Blindedarmontsteking. Apendiciet
Boef. Deugniet
Boekenwurm. Boekenbeest
Boel (aantal). Pak
Boeman. Pakkeman
Boerderij met landerijen. Geleg
Boerenbedrijf. Boerenstiel
Boerenhof. Doening
Boertje (oprisping). Boerke
Bordeel. Bazaar, kaberdoes
Borstrok. Lijfke
Botanische tuin. Botanique
Bovenbenen. Billekes
Brabbelen. Broebelen
Briefkaart. Postkaart
Bromfiets. Tuffer
Broodkapje. Hiel
Bruidje. Maagdeke
Bruinbrood. Grofke
Bushokje. Buskotteke
Buurman of buurvrouw. Gebuur

C
Donker, louche café. Kaberdoes
Cafetaria. Frituur, frietkot
Cel in politiebureau. Amigo
Centrale verwarming. Chauffage
Chemisch reinigen. Droogkuis
Circulaire. Omzendbrief
Commissaris van politie. Commissaire
Commissie van deskundigen. Expertencommissie
Computer. Compteur
Crèche. Kinderkribbe

D
Dadelijk. Seffens
Dieet. Regime
Dienblad. Cabaret
Dierbaar. Duurbaar
Dierenarts. Veterinaire, geitendoktoor
Dierentuin. Zoo
Al doende leert men. Al smedende wordt men smid
Dokter. Doktoor
Uitermate dom. Te dom om te helpen donderen
Domkop. Dotskop, fenix, gaai
Domme streek. Beestigheid
Dronken. Aangeladen, bekaaid, kwiet
Dronken worden. Beroezen
Dronken zijn. Een bobbel ophebben
Dropveter. Lange rek
Drugs. Den drog
Drugshandelaar. Traffiekant
Dweil. Opneemvod

E
Eigendunk. Zelfdunk
Emballage. Leeggoed
Enthousiast. Begeesterd
Entreebewijs. Tiket
Etalage. Uitstalraam
Examenperiode. Eerste zit

F
Faculteit politicologie en sociologie. Pol en soc
Fiets. Velo
Fietsdynamo. Torpedo
Fietsframe. Kader
Flauwekul vertellen. Iets uit je botten slaan
Flensje. Flets
Flesopener. Aftrekker
Frank (munteenheid). Frang
Friet. Fritten
Fuik. Hilte

G
Garagehouder. Garagiste
Gazon. Grasplein
Gebak. Pâtisserie
Gediplomeerd. Gebrevetteerd
Gefeliciteerd. Proficiat.
Zeer gefeliciteerd. Dikke proficiat
Gehaktbal. Frikkadel
Gehandicapt. Gehandicapt (uitgesproken met a's, vaak als ge-andikapt)
Hoog gerechtshof. Assissenhof
Geluidswal. Buldermuur
Gitaarmuziek. IJzerendraadmuziek
Te diep in het glas kijken. Te diep in de fles kijken
Graven, wroeten. Dabben
Grenadine. Smos
Grimas. Maneuver
Groenteboer. Berkoos
Grootmoeder. Bomma, moemoe
Grootvader. Bompa

H
Halflang kledingstuk, half-groot glas bier. Demi
Ham. Hesp
Hand. Pol
Handje. Polleke
Handtas. Sacoche
Heel. Gans
Helicopter. Wentelwiek
Helm. Kaske
Herexamenperiode. Tweede zit
Hoerenkast. Hoerenkot
Homoseksueel. Jeannet
Hoofdkussen. Oorkussen
Houtskool. Bluskool
Huis. Kot
Huisarts. Generalist
Huiskamer. Leefkamer, living
Hypotheek nemen op... Belasten

I
Identiteitskaart. Eenzelvigheidskaart
IJsje (aan een stokje). Frisco
Informatiecentrum. Onthaalcentrum
Ingang. Inkom
Zonder inzet. Voor kattevlees

J
Jan en alleman. Jan Publiek
Jan Thys (tv-presentator). Jan Kak, Jan Knobbel

K
Kaarsvet. Kaarsroet
Kaartwedstrijd. Kaarting
Kade. Kaai
Kamer (gemeubileerd). Kwartier
Kamerbreed tapijt. Voltapijt
Op kamers. Op kot
Karbonade. Kortelet
Kat. Dakhaas
Katafalk. Baar
Katapult. Kattenprul
Slecht katholiek. Geus
Kattenkwaad. Deugnieterij
Kauwgom kauwen. Chikken
Kerel. Charel
Kermis. Foor
Kerstkonijn (zelf gemest). Muurkien
Keukenlatijn. Boerenlatijn
Keuterboer. Geitenboer
Kiezen. Opteren
Kikker. Puit
Kinderdagverblijf. Kinderkribbe
Kinderkopje (straatkei). Kassei
Kip. Kieken
Kippenpoot. Kiekenbil
Kippenren. Kiekenkot
Kippenvel. Kiekenvel
Kletskous. Zevertrien
Kleuterschool. Bewaarschool, kakschool
Knijpen. Pitsen
Koffiedik. Dras
Koffiezetapparaat. Koffiezetter
Kogel. Balle
Kopje. Tas
Koude schotel. Kave pla
Kraal. Beier
Op krediet. Met ongereed geld
Krentenbrood. Kramiek
Krijgen. Bekomen
Kruimeldief. Vlekkenlekker
Kusje. Kuske
Kusjesdans. La bamba
Kut. Foef
Kutje. Beske
Kweekschool. Normaalschool

L
Landingsbaan. Landingsstrip
Ledikant. Beddebak
Lichtzinnige vrouw. Blaar
Lieden. Luiden
Liefje. Zoeteke, chouke
Liefkozen. Flodderen
Lijst (foto, schilderij). Kader

M
Lang, mager persoon. Zwikzwak
Zo mager als een lat. Zo mager als een haring
Meisje. Bietje
Mevrouw. Madame
Middag. Noen
Middagmaal. Noenmaal
Mist. Nevel
Je mond houden. Je bebbel houden
Mondharmonica. Mondmuziek
Motoragent. Zwaantje
Motorboot. Snelboot
Motorfiets. Moto, mot-cyclette
Muskusrat. Waterkonijn (delicatesse)

N
Nabootsen. Achternadoen
Nachthemd. Slaapkleed
Namiddag. Achternoen
Negerzoenen. Negermemmen, negertetten
Neuken. Poepen
Neusverkoudheid. Snotvalling
Noodhulpdienst. De 900

O
Ober. Garçon
Onbeduidende kwestie. Klein bier
Onbeschaamd. Geassureerd
Onderhandelen. Negotiëren
Ondermijnen. Ondergraven
Onderzoeker. Vorser
Onfris. Mottig
Ongeluk. Malheur
Ongetrouwde vrouw. Jongedochter
Ontslag. Congé
Oostindische inkt. Chinese inkt
Opblazen. Dynamiteren
Open dag. Open deur dag
Ophemelen. Bestoefen
Opnieuw. Terug
Opschieten. Avanceren
Opsnit. Toespijs
Opvoeren van bromfietsen. Opfokken van tuffers
Oud vrouwtje. Moeke
Overal aanwezig. Omnipresent
Overall. Clown
Overdadig. Exuberant
Overhemd. Chemise
Overledene. Aflijvige

P
Paaien. Pramen
Paal. Staak
Paardebloem. Pisbloem
Paneermeel. Chapelure
In paniek raken. Panikeren
Papkindje. Papkinneke
Parkeergarage. Parking
Patat. Fritten
Penis. Charel
Pilsje. Pinke
Platvis. Pladijs
Pleuris. Fleuris
Poetsvrouw. Kuister
Politie. Polies, rijkswacht
Politieagent. Gardevil, pandoer, pakkeman
Pont. Overzetter
Pony (kapsel). Frou-frou
Postbode. Facteur
Hij hoeft er niet prat op te gaan. Dat is het schoonste van zijn historie niet
Praten. Klappen
Veel en lang praten. Palaveren
Iemand met te veel pretenties. Dikkenek
Prostituée. Mieke
Provisiekast. Eetschapraai
Pruik. Kalot
Prutswerk. Frulwerk

Q

R
Racefiets. Koersvelo
Rector. Prefect
Referendum. Volksraadpleging
Research. Opzoekingswerk
Van richting veranderen. Afdraaien
Roddelaarster. Blaar
Rolstoel. Rolwagen
Rondje voor de hele zaak. Tournée générale
Rood tot achter de oren. Rood tot in zijn haren
Roomijs. Crème, galet
Rotzooi. Bazaar

S
Samenspannen. Aaneenhangen
Schatje. Zoeteke, chouke
Schavuit. Deugniet
Scheiding in het haar. Streep
Schijnbaar. Kwansuis
Schijnheilige. Godsbedrieger
Schoenborstel. Blinkborstel
Schoensmeer. Schoenblink, blink
Schoolplein. Speelplein
Servet. Servjet
Slager. Beenhouwer, beneknaver
Slagerij. Beenhouwerij
Slimmerik. Fijnaard
Slim te werk gaan. Fijn garen spinnen
Smeerlap. Sloeber
Sneeuwwitje (7-up met bier). Kivela, panaché
Sneltrein. Bloktrein
Spreken. Klappen
Stamppot. Stoemp
Stekelhaar (kapsel). Brosse
Step. Avanceerplank, trottinette
Sterk. Straf
Stoeprand. Boordsteen
Stoeptegels. Dals
Stout. Geassureerd
Strelen. Flodderen
Studentenkamer. Kot
Stuurstang (fiets). Guidon
Subsidie. Betoelaging
Suikeroom. Suikernonkel

T
Taak. Werk
Tabak. Toebak
Tabak pruimen. Chikken
Tafelkleed. Toile cirée
Tamboerijn. Beltrommel
Tapkast. Toog
Technische school. Vakschool
Televisie. Televies
Timmerman. Schrijnwerker
Tosti met ham en kaas. Croque-monsieur
Tosti met ham, kaas en gebakken ei. Croque-madame
Touw. Zeel
Tractor. Tracteur
Treinkaartje. Reiskaartje
Tuin. Hof, hoving
Tweegesprek voeren. Dialogeren
Typiste. Dactylo

U
Ui. Ajuin
Uitgekookt (slim). Fijn
Uitroep van verbazing of pijn. Amai, amai, amai, amai, amai
Uitstekend. Excellent

V
Vakman. Stielman
Vanzelf. Vaneigens
Veerboot. Overzetter
Veiligheidsspeld. Toespeld
Vensterbank. Richel
Vensterluik. Blaffetuur
Verbaasd zijn. Verschieten
Verdachtenbankje. Ezelsbank
Verder. Voorts
Verkoudheid oplopen. Valling pakken
Verkrijgen. Bekomen
Verkwisten. Doordoen
Verliezen. Eraanhangen
Versnelling. Embrayage, vitesse
Zich verspreken. Misklappen
Verstandig. Wijselijk
Vertrekken. Aangaan
Vertroetelen. Flodderen
Verzetten. Contesteren
Veter. Nestel
Veteraan. Hardi
Visgraat. Vlim
Vishengel. Vislijn
Vlaamse brabander. Pajotter
Fijne vleeswaren. Charcuterie
Vliegveld. Vliegplein
Vluchteling. Ontheemde
Voeren. Bestellen
Voormalig. Gewezen
Voortdurend. Aaneenaan
Vooruitkomen. Avanceren
Vork. Vorket, verket
Vrijkaartje. Gunstkaart

W
Warenhuis. Bazaar
Wasknijpers. Waspinnekes
Wastafel waar Nederlanders hun sokken in wassen. Bidet
Weer (wederom). Terug
Weggaan. Aangaan
Wegwerkzaamheden. Wegeniswerken
Welgesteld. Welstellend
Werkkamer. Studio
Werkloosheidsgeld. Dopgeld
Werkloos. In d'n dop
Wethouder. Schepen
Wielrenner. Coureur
Slechte wielrenner. Patattencoureur
Woonkamer. Leefkamer, living
Woonwagencentrum. Kamp

X

Y

Z
Zakdoek. Neusdoek
Zeemeeuw. Blauwvoet
Zeepbel. Blaas
Zeuren. Zagen, neuken
Ziekenhuis. Kliniek, gasthuis
Zilveruitjes. Ajuintjes
Zodadelijk. Seffens
Vluchtige zoen. Afveeg
Zoethout. Kalisse
Zolderkamer. Mansarde
Zuipen. Lampetten, lutten, pompen
Zuipschuit. Heffer
Zult. Kipkap
Zwager. Schoonbroer
Zware shag. Straffen toebak

Aanvullingen? Verbeteringen?

Email: labradors@usa.net