![]() |
||
|
||
De betekenis van Laa ilaha illAllah
Inleiding
De huidige situatie van de moslims is iedereen bekend; het is niet nodig om in detail in te gaan op hoe slecht we er voor staan. Ieder kan zien hoe zwak de oemmah is geworden en het wordt elke dag alleen maar erger. De koeffaar (ongelovigen) aan de andere kant worden sterker en verenigen hun krachten. Dit is het tegengestelde van wat Allah (soebhanahoe wa ta´ala) wil. Allah (soebhanahoe wa ta´ala) heeft de Islam gezonden om de leidende religie te zijn en de moslims zouden de beste der volkeren moeten zijn in deze wereld. Als moslims zou dit ons doel moeten zijn.
Daarom moeten we onszelf enkele vragen stellen, zoals:
Waarom vormen we geen eenheid?
Waarom verkeren wij moslims in deze situatie?
Waarom vinden we geen oplossing voor dit probleem?
Allah (soebhanahoe wa ta´ala) zegt in de Qor´aan:
«En voorzeker, Wij hebben de Qor´aan gemakkelijk gemaakt ter vermaning, is er dan iemand die er lering uit trekt?» (54:17)
Waarom maken we de Qor´aan en de religie van Islaam dan zo moeilijk voor onszelf? Het lijkt erop dat we in de voetsporen treden van vroegere volken (de joden en christenen), waaronder zich maar enkele mensen bevonden die de religie kenden en die de enige waren naar wie de grote massa wilde luisteren. De moslims lopen in dezelfde val met hun religie, de Islaam. Een handjevol mensen wordt beschouwd als geleerden en als gevolg daarvan laten zij de meerderheid der moslims dwalen van het rechte pad, omdat zij de waarheid voor hen verbergen. Dit is de reden waarom we moeten terugkeren naar de basis en onszelf de volgende vragen moeten stellen, om te achterhalen waarom deze situatie is opgetreden en om een middel te vinden tegen deze ziekte waardoor de moslimoemmah van vandaag getroffen wordt.
Waarom heeft Allah (soebhanahoe wa ta´ala) ons geschapen?
De eerste serie vragen die iemand zichzelf kan stellen is:
Waarom heeft Allah (soebhanahoe wa ta´ala) ons geschapen?
Wat is de bedoeling en het doel van onze schepping?
Dit is een belangrijke vraag, want als we ons doel in het leven weten dan kunnen we daar naartoe werken en het bereiken inshaAllah. Een voorbeeld: als Allah (soebhanahoe wa ta´ala) ons geschapen heeft voor geld, dan hoeven we alleen maar te werken, geld te verdienen, genieten en ons nergens zorgen over te maken. Maar zoals we weten is dit niet het geval. Allah (soebhanahoe wa ta´ala) zegt in de Qor´aan:
«En Ik heb de djinns en de mens slechts geschapen om Mij te aanbidden.» (51:56)
Hoe kunnen we uitsluitend Allah (soebhanahoe wa ta´ala) aanbidden?
We weten nu dat ons doel in het leven “tahqieq al-´Ibadah” is, wat betekent het uitsluitend aanbidden van Allah (soebhanahoe wa ta´ala). Dit is het ultieme doel en als we dit op de juiste manier doen zullen we ons uiteindelijke doel bereiken en “al-Djennah” (het Paradijs) binnengaan inshaAllah. Als we Allah (soebhanahoe wa ta´ala) niet aanbidden dan zal onze bestemming het Vuur zijn. Dus, hoe aanbidden we Allah (soebhanahoe wa ta´ala)? We aanbidden Allah (soebhanahoe wa ta´ala) op de manier waarop Hij wil dat we Hem aanbidden. Allah (soebhanahoe wa ta´ala) heeft ons de Qor´aan gezonden via de Profeet Mohammed (sallallahoe ´aleihi wa sallem) en met dit geopenbaarde Boek zijn we in staat de regels te volgen met betrekking tot de manier waarop Allah (soebhanahoe wa ta´ala) aanbeden moet worden. Naast al-Kitaab (het Boek) van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) hebben we ook de Soennah (het praktische voorbeeld) van de Profeet Mohammed (sallallahoe ´aleihi wa sallem). Wanneer iemand één van beide bronnen zou afwijzen, dan zou hij zijn doel om in al-Djennah te komen niet kunnen bereiken. Hij zou dan zeker ten prooi vallen aan misleiding.
Het belang van het controleren van bewijzen
Het is belangrijk om de term “taqlied” te noemen. Deze term wordt gebruikt om aan te geven dat iemand de uitspraken en lessen van een bepaald persoon of bepaalde personen blindelings volgt. Als iemand bijvoorbeeld alleen de leerstellingen van Imaam Aboe Haniefah, Imaam Ahmed, Ibn Taimiyyah of Sheich Bin Baz aanneemt en ze letterlijk opvolgt als zouden ze nooit fout kunnen zijn geweest in hun oordeel, dan past hij “taqlied” toe. Men moet goed onthouden nooit in deze val te lopen. Het is de Profeet Mohammed (sallallahoe ´aleihi wa sallem) die de Boodschapper van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) is en die de moslims worden geacht te volgen, niet de geleerden met hun eigen meningen of wie dan ook.
Desalniettemin is het duidelijk dat we de geleerden van de Islaam moeten respecteren. Maar wanneer zij uitspraken doen, kan hen altijd worden gevraagd naar bewijs uit de Qor´aan en Soennah voor wat ze hebben gezegd. Dit is omdat Allah (soebhanahoe wa ta´ala) ons moslims in de Qor´aan heeft gezegd om de Profeet Mohammed (sallallahoe ´aleihi wa sallem) te volgen, die het beste voorbeeld voor de mensheid is. De geleerde moet je daarom vertellen of hetgeen hij zegt van het Boek van Allah (de Qor´aan) is of van de Soennah van de Profeet (Ahadieth) of zijn eigen mening (Idjtihaad). En dit laatste moet met bewijs onderbouwd worden. Op deze wijze kan men er zeker van zijn dat wat men voor zijn Dien van deze mensen aanneemt, door Allah (soebhanahoe wa ta´ala) voorgeschreven is. We willen immers niet zijn zoals de joden en christenen, die dwalend zijn geraakt omdat ze hun geleerden blindelings volgden.
Allah (soebhanahoe wa ta´ala) zegt in de Qor´aan:
«Zij hebben hun schriftgeleerden en hun monniken tot heren naast Allah genomen en (ook) de Masih, de zoon van Maryam, terwijl hun niets is bevolen dan dat zij één God aanbidden. Er is geen god dan Hij, heilig is Hij boven de deelgenoten die zij naast Hem toekennen.» (9:31)
Wat is de betekenis van ´Aqiedah en “Laa ilaha illAllah”?´Aqiedah wil zeggen geloof en “Laa ilaha illAllah” is de kern van dit geloof. Het betekent dat er geen ware god is die het verdiend om aanbeden te worden, behalve Allah (soebhanahoe wa ta´ala). Iemand kan het gebed verrichten, aan liefdadigheid geven en alle goede daden van de wereld doen, maar ze zijn hem niet van nut als hij geen geloof in Allah (soebhanahoe wa ta´ala) alléén – “Laa ilaha illAllah” – heeft verklaard. Zoals Ibn Taimiyyah (een grote Imaam en geleerde van de Islam uit het verleden) zei: “Allah (soebhanahoe wa ta´ala) heeft de mensen, de djinn, de Mizaan (Weegschaal), de hemel en de aarde geschapen voor “Laa ilaha illAllah”. En hiervoor heeft Allah (soebhanahoe wa ta´ala) een Dag des Oordeels voorbereid en dit is allemaal voor “Laa ilaha illAllah”. Daarna zijn er vier andere zuilen van Islaam (Salaah/gebed, Saum/vasten, Zakah/armenbelasting en Hadj/bedevaart), maar deze worden pas in praktijk gebracht nadat de Shahadah “Laa ilaha illAllah” is verklaard, want dit is het fundament van de andere pilaren. Daarom is het belangrijk kennis en begrip te hebben van “Laa ilaha illAllah”, want het is de reden van ons bestaan op aarde.” Dit laat ons ook zien dat als iemand (een moslim) “Laa ilaha illAllah” niet begrijpt, hij nog steeds de Islam niet betreden heeft. Want het uitspreken van “Laa ilaha illAllah” met de tong betekent nog niets totdat je de ware betekenis van de uitspraak begrijpt. Joden en christenen zeggen ook “Laa ilaha illAllah” (beweren een monotheïstische godsdienst te zijn), maar ze zijn koeffaar (ongelovigen) en geen moslims, want ze zeggen “Laa ilaha illAllah” met hun tong maar hun daden en overtuigingen zijn niet in overeenstemming met wat hun tongen verklaren. Daarom moet een moslim de betekenis van “Laa ilaha illAllah” en de implicaties ervan begrijpen, zonder eraan te twijfelen. Het is van het grootste belang om te weten hoe we “Laa ilaha illAllah” in praktijk moeten brengen in ons leven, onze zaken en daden. We moeten begrijpen hoe de Sahabah (metgezellen van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem)) de betekenis van “Laa ilaha illAllah” begrepen van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem). Want toen de Boodschapper van Allah (sallallahoe ´aleihi wa sallem) voor het eerst de mensen uitnodigde naar Tauhied (Eenheid van Allah (soebhanahoe wa ta´ala)) waren ze zeer verbaasd dat iemand hen vertelde dat hun goden en afgodsbeelden door één God vervangen moesten worden. Ze vertelden hem dat de Arabieren en zelfs de niet-Arabieren tegen hem zouden strijden als gevolg van de boodschap die hij aan hen overbracht. Dit benadrukt dat zelfs de moesjrikien (veelgodendienaars) wisten hoe serieus de betekenis van “Laa ilaha illAllah” is en wat de gevolgen ervan zouden zijn voor de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem). Voordat de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) de Boodschap van Islaam werd gegeven, stond hij bekend als as-Sadieq en al-Amien (de betrouwbare) en iedereen kende hem als eerlijk en goed. Maar zo gauw hij “Laa ilaha illAllah” zei, veranderde alles voor hem en voor iedereen die hem geloofde. Ze werden gemarteld, vervolgd en sommige van zijn metgezellen werden zelfs vermoord. Bilal en Yasser (radiAllahoe ´anhoem) en zijn familie zijn uitstekende voorbeelden om te laten zien hoe sterk de eerste moslims waren in hun geloof en hoe de koeffaar hen allerlei soorten kwellingen lieten ondergaan om ze bij de Islaam weg te houden. De ware reden waarom de mensen van Qoeraisj dit de eerste moslims aandeden, was omdat als ze deze boodschap van “Laa ilaha illAllah” aannamen of zelfs maar zouden tolereren, ze allerlei voordelen verbonden aan hun valse religie zouden mislopen. Hun hoge positie in deze wereld zouden ze kwijtraken en hun leiders zouden naar de Wil van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) moeten handelen. “Laa ilaha illAllah” vormde dus een directe bedreiging voor de samenleving en de mensen. Het belang van “Laa ilaha illAllah”Hadieth 1Itban (radiAllahoe ´anhoe) vertelde dat de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) zei:
“Waarlijk, Allah heeft de Hel verboden verklaard voor degene die getuigt “Laa ilaha illAllah” (er geen niets of niemand die het verdient aanbeden te worden behalve Allah) en daarmee niets anders zoekt dan het Gezicht (de tevredenheid) van Allah.” (Boechari en Moeslim)
Hadieth 2Aboe Sa´ied al-Khoedri (radiAllahoe ´anhoe) overleverde dat de Boodschapper van Allah (sallallahoe ´aleihi wa sallem) zei:
“Moesa (´aleihi sallem) zei : “O mijn Heer, leer mij iets waarmee ik U kan gedenken en waarmee ik U kan smeken.” Allah (soebhanahoe wa ta´ala) antwoordde: “O Moesa, zeg “Laa ilaha illAllah”. Moesa zei: “O mijn Heer, al Uw dienaren zeggen deze woorden.” Allah (soebhanahoe wa ta´ala) zei: “O Moesa, als de zeven hemelen en alles wat ze behalve Mij bevatten en ook de zeven werelden op één kant van een weegschaal zouden worden gelegd en “Laa ilaha illAllah” aan de andere kant, zou de laatste zwaarder wegen.” (Ibn Hibbaan, sahieh volgens al-Hakiem)
Hadieth 3Er is overgeleverd dat de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) heeft gezegd:
“Degene die “Laa ilaha illAllah” verklaard heeft, dat er niets of niemand het recht heeft aanbeden te worden behalve Allah, en die alles wat de mensen naast Allah aanbaden verworpen heeft, zijn bezit en zijn bloed worden haraam (verboden) en zijn zaak rust bij Allah.” (Moeslim)
Hadieth 4´Oetmaan (radiAllahoe ´anhoe) vertelde dat de Boodschapper van Allah (sallallahoe ´aleihi wa sallem) zei:
“Degene die sterft en weet dat “Laa ilaha illAllah”, dat er niets of niemand het recht heeft aanbeden te worden behalve Allah, zal het Paradijs binnengaan.” (Moeslim)
Hadieth 5Oebadah bin as-Samit (radiAllahoe ´anhoe) overleverde van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem):
“Degene die getuigt dat “Laa ilaha illAllah”, dat er niets of niemand het recht heeft aanbeden te worden behalve Allah Die zonder partners is, en dat Mohammed Zijn dienaar en boodschapper is, en dat ´Isa de dienaar en boodschapper van Allah is en Zijn woord dat Hij neerzond op Mariam en een ziel door Hem geschapen, en dat het Paradijs en het Hellevuur werkelijkheid zijn, diegene zal Allah toelaten in het Paradijs, wat zijn daden ook mogen zijn.” (Boechari)
Hadieth 6De Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) heeft gezegd:
“Het is mij opgedragen te strijden tegen die mensen die geen”Laa ilaha illAllah” zeggen. Als ze “Laa ilaha illAllah” zeggen, zullen hun levens en bezittingen veilig zijn en hun zaken zullen bij Allah zijn.” (Boechari)
Het is belangrijk om dit allemaal uit te leggen, omdat we dan het belangrijkste concept of de belangrijkste zuil van de Islaam kunnen begrijpen. We kunnen zien dat er een groot verschil is tussen de “Laa ilaha illAllah” die mensen vandaag de dag zeggen en de Shahadah zoals de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) en zijn metgezellen die begrepen. Tegenwoordig zien we mensen die een handeltje slaan uit het zeggen of schrijven van “Laa ilaha illAllah”. Ze eten, drinken en slapen in de naam van “Laa ilaha illAllah” en toch zien we dat niets van de betekenis ervan wordt toegepast in hun leven. We zien dat vele van de zogenaamde mensen met kennis van tegenwoordig graag “Laa ilaha illAllah” uitroepen als ze daarmee een moskee gebouwd kunnen krijgen of er een ander werelds voordeel mee behalen. Maar ze verklaren deze “Laa ilaha illAllah” niet als ze bang zijn er hun baan, bezittingen of aanzien door te verliezen. In die gevallen zouden ze de werkelijke betekenis van “Laa ilaha illAllah” verbergen.
Om deze reden moeten we ons geloof in “Laa ilaha illAllah” wegen op de Mizaan al-´Aqiedah (de weegschaal van ´Aqiedah) die voor de Islaam is opgesteld door de Boodschapper van Allah (sallallahoe ´aleihi wa sallem). De metgezellen vergeleken zichzelf aan de hand van deze weegschaal. We moeten onszelf, onze families, onze geleerden en iedereen die beweert van de Islaam te zijn, wegen op deze weegschaal van ´Aqiedah. We moeten alles op de weegschaal leggen en kijken hoeveel het weegt in vergelijking met de ´Aqiedah van de metgezellen van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem).
Als we bijvoorbeeld zien dat de christenen en joden het tegenwoordig eens zijn met de Islaam (en de moslims accepteren zoals ze behoren te zijn), dan moet er iets fout zitten met onze Islaam, want Allah (soebhanahoe wa ta´ala) vertelt ons in de Qor´aan:
«En de joden en de christenen zullen nooit tevreden met jou zijn, totdat je hun Millat (richting, religie, hier dus koefr) volgt.» (2:120)
Dit laat ons zien dat de (ware) Islaam door onze vingers wegglipt als we in deze val van de koeffaar (ongelovigen) lopen. Het is ook de reden waarom we tegenwoordig zien dat de werkelijke betekenis van “Laa ilaha illAllah” verdraaid is om aan de wensen en verlangens van de mensen tegemoet te komen. We zien vandaag de dag moslims die in de moskee “Laa ilaha illAllah” zeggen, maar zo gauw ze weer buiten staan is het weg. En als iemand anders “Laa ilaha illAllah” zegt, noemen ze hem een terrorist of een fundamentalist. Het komt erop neer dat het erg belangrijk is de ware “Laa ilaha illAllah”, waartoe de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) opriep en waarvoor zijn metgezellen gemarteld werden, te begrijpen.
Verschillen in het zeggen van “Laa ilaha illAllah”
Wanneer we kijken naar de geschiedenis van de Islaam is duidelijk te zien dat de “Laa ilaha illAllah” van vandaag de dag niet vergeleken kan worden met de Shahadah die in de tijd van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) werd uitgesproken. Nu willen de mensen een “Laa ilaha illAllah” die tegemoet komt aan hun behoeften, maar ze willen de werkelijke betekenis niet bespreken of begrijpen. De ware opofferingen die behoren tot de voorwaarden van “Laa ilaha illAllah” zijn totaal vergeten en men wil alleen maar praten, genieten, ontspannen en er een grap van maken. De grote massa moslims houdt zichzelf voor de gek met het valse geloof dat zolang ze maar “Laa ilaha illAllah” zeggen, ze het Paradijs zullen binnengaan en nooit naar de Hel zullen gaan, en meer van dergelijke opvattingen. Ze proberen het Paradijs te bereiken door te genieten van ad-doenya (het wereldse leven) en door de koeffaar en de onderdrukkende regimes van de tirannieke heersers tevreden te stellen. Hierover zegt Allah (soebhanahoe wa ta´ala) in de Qor´aan:
«Allah zal de gelovigen niet in de toestand laten waarin jullie verkeren totdat Hij het slechte van het goede scheidt. En Allah brengt jullie niet op de hoogte van het onwaarneembare, maar Allah kiest uit Zijn boodschappers wie Hij wil. Gelooft dus in Allah en Zijn boodschappers. En indien jullie geloven en (Allah) vrezen, dan is er voor jullie een geweldige beloning.» (3:179)
Dit leidt ons naar het volgende punt: hoe kunnen we de werkelijke betekenis van “Laa ilaha illAllah” begrijpen? Hiervoor moeten we de betreffende bewijzen bekijken en het onderwerp proberen te bestuderen en onderzoeken. Wanneer we het basisgeloof van “Laa ilaha illAllah” kunnen vestigen, zullen we daardoor tot de Djama´ah (moslimgemeenschap) behoren, daarna volgen de leider en gehoorzaamheid aan hem (gebaseerd op Qor´aan en Soennah), Hidjrah en tenslotte Djihaad. Dit was de manier van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) en zo zal de Islaam opnieuw gevestigd worden, volgens de bekende hadieth van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) waarin hij zei:
“Islaam begon als iets vreemds en zal terugkeren als iets vreemds, dus geef blijde tijdingen aan de vreemdelingen.” (Moeslim)
Dit was de manier van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) en dit is de manier waarop de ware Islaam gevestigd zal worden. In de Djama´ah heeft iedereen dezelfde ´Aqiedah en is iedereen onder één leider (zoals het was met de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem)). Iedereen zal deze leider gehoorzamen en Hidjrah maken zoals de metgezellen van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem) deden. Vervolgens zullen ze Djihaad op de weg van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) voeren en deze Djihaad zal niet stoppen tot aan de Dag des Oordeels.
“Laa ilaha illAllah” vrijmaken van besmettingen
De Arabische uitspraak “Laa ilaha illAllah” bestaat uit twee delen, het eerste is “Laa ilaha” en de tweede “illAllah”. De eerste helft houdt een ontkenning en verwerping in en de tweede helft een bevestiging en acceptatie – in de Arabische taal. Wanneer we zeggen “verwerping” wil dat zeggen dat we eerst iets moeten verwerpen vóórdat we iets anders kunnen aannemen. Dus wat moeten we eerst verwerpen vóórdat we Allah (soebhanahoe wa ta´ala) kunnen accepteren als onze Ene en Enige God?
Er zijn vier hoofdzaken die we moeten verwerpen om onze “Laa ilaha illAllah” geldig te maken. Dit zijn de volgende:
1. Aalihah
Dit is het meervoud van het woord Ilah: alles wat wordt aanbeden is een Ilah. Voorbeelden zijn de afgodsbeelden die door de Qoeraish aanbeden werden in de tijd van de Profeet (sallallahoe ´aleihi wa sallem), de hedendaagse grafcultus in Azië en andere plaatsen in de wereld, en mensen of heiligen die overal ter wereld aanbeden worden tegenwoordig, ook in moslimgemeenschappen. Iemands eigen verlangens kunnen ook als Ilah worden beschouwd.
Vóórdat Allah als Enige God aanbeden kan worden, moeten eerst al deze afgodsbeelden, het aanbidden van graven, heiligen en andere Aalihah verworpen worden. Allah (soebhanahoe wa ta´ala) zegt in de Qor´aan:
«En neem geen andere god naast Allah, anders zit jij daar (O, Mohammed) met verwijten (beladen) en verlaten.» (17:22)
en:
«En jullie Heer heeft bepaald dat jullie niets dan Hem alleen aanbidden….» (17:23)
en:
«En aanbidt Allah en kent Hem in niets een deelgenoot toe…..» (4:36)
2. Arbab
Arbab komt van dezelfde stam als Roeboebiyah en is het meervoud van Rabb (Heer). Arbab en Aalihah zijn met elkaar verbonden, dus waar sprake is van Arbab, zijn er ook Aalihah. Iedereen die zegt dat hij Raziq (de Schenker van voorzieningen) is of Hakim (Wetgever), of dat hij leven geeft en doet sterven, (of een andere eigenschap claimt die verbonden is met Roeboebiyah) kan worden geclassificeerd als een Arbab. Allah (soebhanahoe wa ta´ala) zegt in de Qor´aan:
««Zij hebben hun schriftgeleerden en hun monniken tot Arbab (heren) naast Allah genomen en (ook) de Masih, de zoon van Maryam, terwijl hun niets is bevolen dan dat zij één God aanbidden. Er is geen god dan Hij, heilig is Hij boven de deelgenoten die zij naast Hem toekennen.» (9:31)
Wanneer je bijvoorbeeld iemand vraagt om doe´a voor je te doen dat je een kind krijgt of geneest van een ziekte en je verwacht dat je door zijn doe´a shifa (genezing) ontvangt, maar je verwacht niet dat deze shifa van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) komt, dan heb je een andere Rabb genomen naast Allah (soebhanahoe wa ta´ala). Alleen Allah (soebhanahoe wa ta´ala) moeten we hierom vragen en onze smeekbeden moeten alleen tot Allah (soebhanahoe wa ta´ala) gericht worden. (Je kan anderen vragen doe´a voor je te doen, maar je moet geloven dat Allah het succes schenkt).
Een ander voorbeeld is wanneer je naar een koeffaar-rechtbank gaat in welk land dan ook (met wetten die door mensen gemaakt zijn) en een ongelovige een oordeel laat vellen aan de hand van door een mens gemaakte wetten in plaats van wat door Allah (soebhanahoe wa ta´ala) geopenbaard is (de Shari´ah / Islamitische Wet). Je aan wetten onderwerpen die tegen Allah´s wetten ingaan of deze vervangen, houdt in dat je anderen als je Rabb neemt naast Allah (soebhanahoe wa ta´ala), want het maken van dergelijke wetten is aan Allah (soebhanahoe wa ta´ala) voorbehouden. Alle soorten Arbab moeten verworpen worden, vóórdat alleen Allah aanbeden kan worden.
3. Andad
Andad betekent “zaken die gelijk zijn aan”, of specifieker “zaken die gelijk worden gesteld aan Allah”. Dit kan zich in allerlei vormen voordoen, zoals rijkdom, familie, leefgemeenschap, leiderschap en andere zaken. Als bijvoorbeeld Allah (sallallahoe ´aleihi wa sallem) iets beveelt en in plaats van Hem te gehoorzamen luister je naar het bevel van je vader, moeder, vaderland, leefgemeenschap of leider, dan heb je Andad naast Allah geplaatst. Je hebt immers Allah´s bevel terzijde geschoven om dat van een ander te volgen.
Het is een natuurlijke eigenschap om van iets te houden, maar als je hiervan méér houdt dan van Allah (soebhanahoe wa ta´ala), heb je het als partner naast Allah (soebhanahoe wa ta´ala) genomen. Pas na de liefde voor Allah (soebhanahoe wa ta´ala) en Zijn Boodschapper (sallallahoe ´aleihi wa sallem) komt de liefde voor al het andere. Alle vormen van Andad moeten verworpen worden, vóórdat alleen Allah (soebhanahoe wa ta´ala) aanbeden kan worden.
Allah (soebhanahoe wa ta´ala) zegt in de Qor´aan:
«Zeg: “Als jullie vaders en jullie zonen en jullie broeders en jullie echtgenotes en jullie familie en de bezittingen die jullie verworven hebben en de handel waarvan jullie verlies vrezen en de huizen die jullie behagen, jullie dierbaarder zijn dan Allah en Zijn boodschapper en het strijden op Zijn Weg, wacht dan tot Allah met Zijn beschikking komt. En Allah leidt het zwaar zondige volk niet.» (9:24)
4. Taghoet
De letterlijke betekenis van Taghoet (afgeleid van Tagha of Toeghyan) in het Arabisch is: iets wat de grenzen overschrijdt, iets wat te ver gaat. Algemeen genomen heeft de term Taghoet een brede betekenis. Gezien vanuit de visie van de Shari´ah is een Taghoet alles wat aanbeden wordt naast Allah (soebhanahoe wa ta´ala), een afgod dus. Dit kunnen zijn Sjeitaan, duivels, afgodsbeelden, stenen, de zon, sterren, engelen of zelfs mensen zoals ´Isa (´aleihi salaam) die de boodschappers van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) waren en aanbeden worden als Taghoet naast Allah (soebhanahoe wa ta´ala). Ook heiligen, graven of leiders kunnen aanbeden worden. (De betekenis van Taghoet is genomen uit “The Noble Qor´an” vertaald door Mohammed Muhsin Khan)
Om Taghoet te kunnen verwerpen, is het van het grootste belang te weten wat het inhoudt. Als je er de betekenis niet van kent, hoe zou je het dan kunnen vermijden? Wanneer je eenmaal de betekenis kent, wordt het een verplichting om de Taghoet te verwerpen.
Allah (soebhanahoe wa ta´ala) zegt in de Qor´aan:
«Er is geen dwang in de godsdienst. Waarlijk, de rechte leiding is duidelijk onderscheiden van de dwaling, en hij die de Taghoet verwerpt en in Allah gelooft: hij heeft zeker het stevigste houvast gegrepen (astamsaka), dat niet breken kan. En Allah is Alhorend, Alwetend.» (2:256)
En Hij zegt ook:
«En voorzeker, Wij hebben aan iedere gemeenschap een boodschapper gezonden (die zei): “Aanbidt Allah en houdt afstand van de Taaghoet”……» (16:36)
En:
«Heb jij degenen niet gezien die dachten dat zij geloofden in wat aan jou geopenbaard is en in wat er voor jou geopenbaard is? Zij zoeken het oordeel van de Taaghoet, hoewel hen toch bevolen was er niet in te geloven. En het is zo dat de Sjeitaan hen ver weg wil doen afdwalen.» (4:60)
En:
«Degenen die geloven vechten op de Weg van Allah en degenen die ongelovig zijn vechten op de weg van de Taaghoet: vecht dus tegen de helper van Sjeitaan. Voorwaar, de listen van Sjeitaan zijn zwak.» (4:76)
In deze ayaat (verzen) beschrijft Allah (soebhanahoe wa ta´ala) voor ons de rechte weg die ons naar het Paradijs leidt. Deze rechte weg bestaat uit koefr bitTaghoet (ongeloof in de Taghoet) vóórdat “Laa ilaha illAllah” geaccepteerd kan worden. Met andere woorden, voordat je kunt zeggen “ik geloof in Allah” (illAllah) moet je de Taghoet verwerpen en er niet in geloven (Laa ilaha).
Als iemand zegt “Laa ilaha illAllah” en hij heeft de Taghoet nog niet verworpen, gaat hij in tegen de bovengenoemde ayah van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) waarin Hij zegt: «… en hij die de Taghoet verwerpt en in Allah gelooft: hij heeft zeker het stevigste houvast gegrepen (astamsaka), dat niet breken kan.». In deze ayah gebruikt Allah (soebhanahoe wa ta´ala) het woord “astamsaka” in plaats van “masaka”. “Masaka” betekent iets vasthouden met één hand of in één hand. Maar in deze ayah wordt “astamsaka” gebruikt wat betekent iets vasthouden met beide handen of een stevige grip hebben op iets met beide handen. Om het eenvoudig te zeggen: als we zeggen dat je iets in je rechterhand vasthoudt, betekent dat dat je linkerhand leeg is en je er iets anders mee kunt vasthouden. Op dezelfde manier zeggen we dat iemand die “Laa ilaha illAllah” met één hand grijpt en de Taghoet met zijn andere hand, geen correct geloof (Imaan) heeft en zich buiten de Islaam bevindt. Daarom gebruikt Allah (soebhanahoe wa ta´ala) het woord “astamsaka” in bovengenoemde ayah, om ons duidelijk te maken dat we “Laa ilaha illAllah” met beide handen moeten grijpen en niet slechts met één.
Dit betekent dat we moeten doen wat Allah (soebhanahoe wa ta´ala) ons opdraagt, namelijk de Taghoet verwerpen en “Laa ilaha illAllah” met onze beide handen vasthouden. Dit is de enige weg naar eeuwig succes en als iemand iets anders beweert dan wat Allah (soebhanahoe wa ta´ala) ons heeft voorgeschreven dan is hij geen moslim maar een kafir (ongelovige). Maar als iemand doet wat Allah (soebhanahoe wa ta´ala) ons heeft opgedragen dan zal Hij hem inshaAllah Zijn Genade schenken. Hij zal aan onze kant staan en ons uit de duisternis naar het licht leiden. Dit is de weg van de Islaam en wanneer iemand deze weg volgt zal Allah (soebhanahoe wa ta´ala) tevreden met hem en zijn daden zijn. Elke andere weg dan deze weg is van Sjeitaan en is slecht.
Zeven voorwaarden van de Shahadah: “Laa ilaha illAllah Mohammed rasoelAllah”
1. Kennis: al-´Ilm
Het bewijs hiervoor is de uitspraak van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) in de Heilige Qor´aan:
«Weet dat er geen god is dan Allah….» (47:19)
2. Zekerheid: al-Yaqien
Het bewijs hiervoor is de uitspraak van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) in de Heilige Qor´aan:
«Voorwaar, de gelovigen zijn slechts degenen die in Allah en Zijn Boodschapper geloven, die vervolgens niet twijfelen en die met hun bezittingen en hun levens strijden op de Weg van Allah. Zij zijn de waarachtigen.» (49:15)
3. Oprechtheid en zuiverheid: al-Ichlaas
Het bewijs hiervoor zijn de twee uitspraken van Allah (soebhanahoe wa ta´ala):
«Weet dat Allah de zuivere, oprechte aanbidding toekomt….» (39:3)
«Zij werden niets anders bevolen dan Allah met zuivere aanbidding te aanbidden…..» (98:5)
4. Waarachtigheid: as-Sidq
Het bewijs hiervoor is de uitspraak van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) in de Heilige Qor´aan:
«Dachten de mensen dat zij met rust gelaten worden, als zij zeggen: “Wij geloven”, en dat zij niet op de proef gesteld worden? En voorzeker, Wij hebben degenen vóór hen op de proef gesteld. Allah kent zeker degenen die waarachtig zijn en Hij kent zeker de leugenaars.» (29:2-3)
5. Liefde: al-Mahabbah
Het bewijs hiervoor is de uitspraak van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) in de Heilige Qor´aan:
«En er zijn er onder de mensen die naast Allah deelgenoten toekennen, die zij liefhebben met de liefde als (die) voor Allah, maar degenen die geloven zijn sterker in liefde voor Allah….» (2:165)
6. Onderwerping: al-Inqiaad
Het bewijs hiervoor zijn de twee uitspraken van Allah (soebhanahoe wa ta´ala):
«En keert terug tot jullie Heer, en geeft jullie over aan Hem voordat de bestraffing tot jullie komt waarna jullie niet geholpen worden.» (39:54)
«En wie is beter in godsdienst dan degene die zich volledig aan Allah overgeeft en weldoet en de Millat (richting, godsdienst) van Ibrahiem haniefan volgt…» (4:125)
7. Volledige bevestiging en acceptatie: al-Qoeboel
Het bewijs hiervoor is de uitspraak van Allah (soebhanahoe wa ta´ala) in de Heilige Qor´aan:
«Voorwaar, toen er tot hen werd gezegd: “Er is geen god dan Allah”, toen waren zij hoogmoedig.En zij zeggen: “Zullen wij dan onze goden achterlaten vanwege een bezeten dichter? Nee! Hij (Mohammed) is met de Waarheid gekomen en hij heeft de Gezondenen (de Profeten vóór hem) bevestigd.» (37:35-36)
Vertaling van “What makes and breaks the Shahadah” van Abu Abdullah
|